Nieuws - Fiscaal Hoge Raad biedt rechtsherstel voor box 3

De Hoge Raad heeft op 6 en 14 juni jl. uitspraak gedaan in enkele zaken rond box 3. De uitspraken van 6 juni betroffen drie inhoudelijke casussen, waarbij de heffing in box 3 werd aangevochten. In de vier uitspraken van 14 juni haalt de Hoge Raad de uitspraken van 6 juni aan, maar merkt ook op dat de ongerealiseerde vermogenswinst op een box-3-woning moet worden bepaald op basis van de WOZ-waarden aan het begin en aan het eind van het jaar.
De Hoge Raad heeft meer gedaan dan het puur doen van uitspraken op deze casussen; er zijn ook heldere rechtsregels geschetst rond de bepaling van het werkelijke rendement.

De hoofdregel blijft van kracht. In beginsel gebruik je het forfaitaire systeem uit de wet. Alleen wanneer het werkelijke rendement op je hele box-3-vermogen lager is dan het forfait, volgt rechtsherstel. Het werkelijke rendement moet je als volgt berekenen. Het gaat om het nominale rendement per jaar, dus zonder rekening te houden met inflatie. Er wordt dus geen rekening gehouden met rendementen uit andere jaren. Naast de directe voordelen die uit vermogensbestanddelen worden getrokken, zoals dividend, huur en rente, vallen ook vermogensmutaties onder het werkelijke rendement. Dit kunnen positieve en negatieve waardemutaties zijn. Met kosten wordt geen rekening gehouden, maar wel met rente van schulden in box 3.

Keuze maken

Je kunt kiezen voor het voor jou meest gunstige systeem. Deze uitspraken geven de volgende opties voor belastingplichtigen in box 3:

Periode 2017 – 2022
1. Wettelijk systeem van vermogensmix en forfaits
2. Herstelwet (forfaits op basis van 3 vermogenscategorieën)
3. Werkelijk rendement volgens definitie HR

Periode 2023 – tot nieuw systeem
1. Overbruggingswet (forfaits op basis van 3 vermogenscategorieën)
2. Werkelijk rendement volgens definitie HR

Deze keuze kan per belastingplichtige worden gemaakt, indien de jaren nog open staan. Is de bezwaartermijn van de definitieve aanslag verlopen? Dan zul je de massaalbezwaarplus-procedure moeten afwachten. Belangrijk is bij nieuwe definitieve aanslagen met box 3 (pro forma) bezwaar te maken, om je rechten te behouden.

Rentevergoeding afgewezen

Wordt de aanslag verminderd op basis van de wet rechtsherstel, de overbruggingswet of op basis van het werkelijk rendement, dan wordt op grond van de Nederlandse fiscale wetgeving geen rente vergoed. Deze regel is volgens de Hoge Raad niet in strijd met het EVRM, tenzij de wettelijke rente hoger is dan het bedrag van de belastingvermindering in box 3. Gegeven de hoogte van de wettelijke rente de afgelopen jaren en de tijdsperiode van het herstel (maximaal terug tot 2017), kan dat in de praktijk niet voorkomen.

Wat weten we nog niet?

Een aantal vragen staat nog open. Hopelijk krijgen we daar van de Hoge Raad in de toekomst nog antwoord op:

  • Hoe moet je inkomen toerekenen aan een periode? Dien je het kasstelsel of het matchingsbeginsel te hanteren?
  • Moeten we ook een werkelijk rendement toerekenen aan eigen gebruik?
  • Moeten we bij beleggingsvastgoed de waardemutaties corrigeren voor zelf aangebrachte verbeteringen?

Daarnaast hebben de koepel- en belangenorganisaties een overzicht gemaakt van gesignaleerde vragen die nog beantwoord moeten worden.

Tips: webinars

Meer ins en outs van de Hoge Raad-uitspraken, de te nemen vervolgstappen en de laatste stand van zaken komen aan de orde tijdens de volgende cursussen:

Martijn Paping MSc RB is als fiscalist en trainer verbonden aan Fiscount.