Manager personeelszaken heeft en krijgt geen arbeidsovereenkomst
Een manager personeelszaken krijgt een arbeidsovereenkomst aangeboden, maar wil op eigen verzoek een overeenkomst van opdracht sluiten. Na 2 maanden zal deze alsnog worden omgezet in een arbeidsovereenkomst bij ‘wederzijdse voldoening’. Voordat het zover komt, wordt de overeenkomst van opdracht met de manager opgezegd. De opzegtermijn in de overeenkomst bedraagt 1 week. De manager stelt echter dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst en dat hij daarom ontslagbescherming geniet. Is dit wel zo rechtvaardig? De manager heeft zelf immers aangedrongen op een overeenkomst van opdracht en zoekt hier, als dit hem uitkomt, alsnog de bescherming van het arbeidsrecht.
Of … kan er hier worden gesteld dat de manager gewoon aan zijn eigen keuze moet worden gehouden? De rechtbank beoordeelt de zaak aan de hand van de gezichtspunten uit het bekende Deliveroo-arrest. De manager mag zelf zijn werktijden bepalen, heeft zelf een overeenkomst opgesteld en hij was ook degene die hierop heeft aangedrongen. Bovendien stuurt de manager facturen nadat hij zelf over de hoogte van zijn beloning heeft onderhandeld.
Wat geeft de doorslag?
Er zijn ook wel enige aanknopingspunten met een arbeidsovereenkomst, maar de elementen voor een overeenkomst van opdracht overheersen. Of er een arbeidsovereenkomst bestaat, moet op deze manier worden bepaald – en niet enkel op grond van de partijbedoelingen. Duidelijk is ook dat partijen hadden vastgelegd dat de intentie bestond om een arbeidsovereenkomst op een later tijdstip aan te gaan. Het stond alleen niet vast dat zij hierover al overeenstemming hadden. Dit was immers (ook) afhankelijk van de wil van de opdrachtgever.
Mr. Richard Lukken is werkzaam als arbeidsjurist en trainer. Wil je meer weten over deze kwestie of heb je vragen op het gebied van arbeidsrecht? Neem contact op via r.lukken@fiscount.nl of 038 – 45 61 900.