Ontslag op staande voet wegens nevenwerkzaamheden
Rechtvaardigt een in de arbeidsovereenkomst opgenomen verbod op nevenwerkzaamheden een ontslag (op staande voet)? In een onlangs gepubliceerde zaak oordeelt het hof dat de werkgever te voortvarend tot ontslag overging. Een werknemer heeft bij zijn sollicitatiegesprekken zijn nevenactiviteiten aangegeven. De werkgever betoogde dat de nevenwerkzaamheden zodanig structureel en omvangrijk waren, dat dit ten koste zou gaan van de eigen werkzaamheden. Het hof volgt de werkgever hier niet in. Er komt niet vast te staan dat de werknemer wegens zijn nevenactiviteiten minder uren heeft gewerkt dan vastgelegd is in de arbeidsovereenkomst.
De werkgever had er beter aan gedaan om de vinger aan te pols te houden, door de werknemer te verplichten periodiek kenbaar te maken wat de omvang van zijn nevenwerkzaamheden was.
Richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden
In 2019 is de Richtlijn (EU) 2019/1152 over transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden binnen de Europese Unie aangenomen. Uiterlijk op 1 augustus 2022 moeten de lidstaten deze richtlijn uitwerken in hun nationale wetgeving. De richtlijn heeft tot doel de arbeidsvoorwaarden te verbeteren, door transparantere en beter voorspelbare arbeidsvoorwaarden te bevorderen. Inmiddels is een wetsvoorstel ontworpen waarbij een nieuw artikel 7:653a BW (nu het concurrentiebeding) wordt voorgesteld. Op grond hiervan is een verbod op nevenwerkzaamheden buiten het werkrooster om niet toegestaan.
Slechts in uitzonderingsgevallen mag een werkgever die nevenwerkzaamheden wel verbieden. Te denken valt hierbij aan redenen van gezondheid en veiligheid, bescherming van vertrouwelijke bedrijfsinformatie of het vermijden van belangenconflicten. In de arbeidsovereenkomsten zal dit als zodanig moeten worden gemotiveerd. Het kan zinvol zijn om hier bij het opstellen van nieuwe arbeidsovereenkomsten al rekening mee te houden en een motivering toe te voegen.