Arbeid en Recht

Voornemen tot ontslag tijdens ziekte valt niet onder opzegverbod

gepubliceerd op: 16 augustus 2021

Een organisatie die zich bezighoudt met maatschappelijk welzijn neemt ervaringsdeskundigen als personeel aan. Een van de werkneemsters van deze organisatie bleek eerder verslaafd te zijn aan alcohol. Tijdens haar dienstverband valt deze werkneemster een aantal keren terug in haar oude gedrag, met arbeidsongeschiktheid tot gevolg. In reactie daarop vraagt de werkgever de rechter om het dienstverband met haar te ontbinden, nadat zij volledig hersteld is. De werkneemster claimt echter dat een reflexwerking van het opzegverbod tijdens ziekte dit verhindert. Hoe oordeelt de rechter in deze zaak?

De rechter legt dit onderwerp uit aan de hand van de tekst van artikel 7:670 lid 1, sub a BW, het opzegverbod tijdens ziekte. Daaruit blijkt dat dit slechts geldt gedurende de tijd dat de werknemer ongeschikt is om zijn arbeid te verrichten. Nu de werkneemster volledig is hersteld, wordt niet meer voldaan aan de voorwaarden van het opzegverbod.

Het feit dat de werkgever al tijdens de ziekte van de werkneemster besloten had om het dienstverband te willen beëindigen, rekt het opzegverbod niet op. Dit kan enkel een rol spelen bij de vraag of de werkgever de werkneemster nog voldoende gelegenheid heeft geboden om zich van haar beste kant te laten zien. Disfunctioneren kon hier geen rol spelen, want dit hing samen met haar ziekte. Wel komt de rechter tot de vaststelling dat er sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding. Op die grond wordt meegewerkt aan het verzoek van de werkgever.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.