BTW

Geen aftrek voorbelasting op valse facturen

gepubliceerd op: 31 oktober 2022

De Belastingdienst stelt een boekenonderzoek in naar de aanvaardbaarheid van de btw-aangiften van een ondernemer over de periode 1 januari 2015 tot en met 31 december 2016. Daaruit blijkt een verschil tussen de in de administratie aangegeven te betalen btw en de feitelijk afgedragen btw. Bovendien stelt de inspecteur dat enkele inkoopfacturen vals zijn. De bestuurder van de maatschappij die deze facturen zou hebben uitgereikt, ontkent dat er diensten voor de ondernemer zijn verricht. Ook geeft hij aan dat hij geen verklaring heeft ondertekend waaruit dat wel zou blijken. De inspecteur legt de ondernemer daarom een naheffingsaanslag op en een vergrijpboete.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de naheffingsaanslag en de vergrijpboete terecht zijn opgelegd. Met name door de verklaringen van de bestuurder van de maatschappij tegenover de inspecteur, moet ervan worden uitgegaan dat de facturen vals zijn en dat de ondernemer opzettelijk voorbelasting heeft geclaimd, terwijl hij wist dat daar geen recht op bestond. Ook acht de rechtbank het ongeloofwaardig dat de ondernemer de hoge facturen contant zou hebben betaald. Uit niets blijkt dat hij daarvoor voldoende financiële middelen beschikbaar had. Zowel de naheffingsaanslag (€ 37.664) als de in rekening gebrachte belastingrente (€ 3.738) blijven in stand. De rechtbank vermindert wel de boete met 15% tot € 14.838 vanwege overschrijding van de redelijke termijn.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.