BTW

Ruime kredietverstrekking telt mee voor pro rata

gepubliceerd op: 19 juni 2023

De activiteiten van een vennootschap bestaan uit de exploitatie van onroerende zaken. Ook houdt zij zich bezig met kredietverlening aan andere vennootschappen. Op grond van de uitkomsten van een boekenonderzoek stelt de inspecteur dat de vennootschap bij het bepalen van de aftrekbare btw onvoldoende rekening heeft gehouden met het aandeel van deze vrijgestelde prestaties. Hof Amsterdam is het daarmee eens. De btw-aftrek moet worden berekend op basis van de omzetverhoudingen (pro rata) en niet op grond van het werkelijke gebruik. Dat kan alleen als dit gebruik objectief en nauwkeurig kan worden vastgesteld.

De vennootschap onderbouwt de btw-aftrek op basis van het werkelijke gebruik slechts met een globale tijdsbesteding aan belaste en vrijgestelde prestaties. Dat is onvoldoende, dus moet de pro rata-methode worden gehanteerd bij het bepalen van de aftrekbare btw. Daarbij kan slechts een klein deel van de ontvangen renteopbrengsten buiten beschouwing gelaten worden. De rente op geldleningen, bankdeposito’s en de rekening-courant is een tegenprestatie voor de (vrijgestelde) kredietverlening. Deze rente telt dus mee bij de pro rata-berekening.

De kredietverlening is geen bijkomstige prestatie die opgaat in de hoofdprestatie (belaste exploitatie van onroerende zaken). Daarvoor zijn de renteopbrengsten en de omvang van de ingekochte diensten te groot. De vennootschap kan ook geen beroep doen op de bankenresolutie; die geldt alleen voor banken.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.