BTW

Te laat afgetrokken btw niet via herziening alsnog aftrekbaar

gepubliceerd op: 03 oktober 2022

Een man koopt in 2006 tien percelen onbebouwde grond van een bv. Hij brengt de daarbij in rekening gebrachte btw niet in aftrek. De man en de bv komen overeen om op de gronden stacaravans te bouwen voor de verkoop. Dit gaat echter niet door. In 2013 verkoopt de man daarom twee percelen grond terug aan de bv, zonder de in rekening gebrachte btw af te dragen. Hij meent namelijk dat hij de voorbelasting uit 2006 op grond van artikel 15, lid 4 Wet OB kan herzien. De Hoge Raad oordeelt in navolging van het EU-Hof van Justitie dat de man zijn recht op vooraftrek niet alsnog via de herzieningsregeling geldend kan maken.

Het EU-Hof van Justitie beantwoordde op 7 juli 2022 de prejudiciële vragen van de Hoge Raad van 26 maart 2021. Kortgezegd komt het antwoord erop neer dat de herzieningsregeling niet kan worden toegepast als de belastingplichtige heeft verzuimd om tijdig gebruik te maken van zijn aftrekrecht. Tijdig wil in dit verband zeggen dat het aftrekrecht moet worden geclaimd in het aangiftetijdvak waarin de btw in rekening is gebracht.

Artikel 15, lid 4 kan alleen worden ingeroepen wanneer het werkelijk gebruik afwijkt van de aanvankelijke bestemming die bij aankoop aan het goed is gegeven. In dat geval kan het al dan niet genoten aftrekrecht worden herzien. Hebben die wijzigingen zich niet voorgedaan en is de btw-aftrek niet geclaimd? Dan vervalt het aftrekrecht na het verstrijken van het aangiftetijdvak waarin de btw in rekening is gebracht. Het aftrekrecht kan dan dus niet in een later tijdvak alsnog worden genoten.

Suppletieaangifte

Binnen de vijfjaarstermijn biedt het indienen van een suppletieaangifte mogelijk nog wel soelaas. De Belastingdienst staat dan mogelijk alsnog aftrek toe in het juiste tijdvak.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.