Besluit Ondernemingsfaciliteiten gewijzigd
gepubliceerd op: 16 juni 2026
Het Besluit Ondernemingsfaciliteiten is gewijzigd. Hierdoor wordt een onbedoelde beperking van het toepassingsbereik van de goedkeuringen bij de inbrengvrijstelling (3.9) en de bedrijfsfusievrijstelling (4.1) voor de OVB hersteld. Tot de wijzigingen in dit besluit kon in concernverband uitsluitend de vennootschap waaraan een onderneming was vervreemd de onderneming voortzetten om aan de voorwaarde voor de genoemde vrijstellingen te voldoen. Een dooroverdracht naar een andere vennootschap binnen het concern met behoud van de vrijstellingen was daardoor niet mogelijk. Deze onbedoelde beperking is nu ongedaan gemaakt.
De beperking is opgeheven door twee wijzigingen door te voeren in de onderdelen 3.9 en 4.1 van het besluit:
- De voortzettingseis is zodanig verruimd dat de onderneming gedurende de resterende voortzettingsperiode niet alleen mag worden voortgezet door de verkrijgende vennootschap, maar ook door een andere vennootschap die gedurende die periode tot hetzelfde concern behoort als de verkrijgende vennootschap.
- De goedkeuringstekst is aangepast ten aanzien van het vereiste dat ten minste de onroerende zaken achterblijven bij de vennootschap die de onderneming bij de inbreng of fusie heeft verkregen. Daartoe is de formulering ‘onroerende zaken of andere vermogensbestanddelen’ vervangen door ‘vermogensbestanddelen, waaronder ten minste de onroerende zaken’.
Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.