Fiscaal

BOR ook bij ontwikkelingsactiviteiten

gepubliceerd op: 23 maart 2017

Een man houdt samen met zijn broer en vader de aandelen in een vastgoed-BV. De BV verhuurt en ontwikkelt onroerende zaken. Wanneer vader overlijdt, worden zijn aandelen toegedeeld aan de man en zijn broer. Zij menen recht te hebben op toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). Die wordt ten onrechte geweigerd, oordeelt de Hoge Raad. De omvang en de aard van de arbeid zijn niet van belang voor het antwoord op de vraag of er sprake is van een materiële onderneming. Daarvoor is doorslaggevend of de ontwikkelingsactiviteiten op zichzelf bezien een onderneming kunnen vormen voor de BOR. Hof Amsterdam gaat dit uitzoeken.

De Hoge Raad bevestigt opnieuw dat de BOR onder omstandigheden van toepassing kan zijn op de verkrijging van aandelen in een vastgoed-BV. Dat deed de Hoge Raad ook vorig jaar al in zijn uitspraak van 15 april 2016 (ECLI:NL:HR:2016:633). Het standpunt van de Belastingdienst dat een vastgoed-BV zich in het algemeen bezighoudt met beleggen en niet met ondernemen, wordt steeds moeilijker houdbaar. Er kan wel degelijk sprake zijn van het drijven van een onderneming. De Hoge Raad gooit er nu eigenlijk nog een schepje bovenop. De aard en omvang van de werkzaamheden waarmee kan worden aangetoond dat de extra arbeid ook leidt tot een hoger rendement dan bij normaal vermogensbeheer, zijn niet bepalend voor het antwoord op de vraag of sprake is van een materiële onderneming. Beslissend is of de ontwikkelingsactiviteiten op zichzelf bezien een onderneming kunnen zijn.

Tip
Inventariseer of u in uw cliëntenbestand vastgoed-BV’s heeft die aan deze criteria voldoen. U bent zeker niet kansloos bij een beroep op de BOR in geval van schenking of vererving van de aandelen in een vastgoed-BV, waarin panden worden verhuurd en ontwikkeld.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.