Fiscaal

Deskundigenadvies en CPB-onderzoek box 3 – geen wetsvoorstel voor zomerreces

gepubliceerd op: 30 april 2020

Het advies van de drie deskundigen aan wie eind 2019 werd gevraagd om onderzoek te doen naar het box-3-stelsel, is bekendgemaakt. Dit geldt ook voor de resultaten van het CPB-onderzoek naar het gemiddeld, zonder (veel) risico haalbare rendement in de jaren 2013 tot en met 2016.

Het advies van de deskundigen komt erop neer dat als de box-3-heffing in een van de jaren 2013 tot en met 2016 op stelselniveau in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol (EP) bij het EVRM, belastingplichtigen daarvoor moeten worden gecompenseerd. Het CPB geeft echter aan geen eenduidige uitkomst van het onderzoek te kunnen geven.

Aanleiding voor het advies van de deskundigen en het CPB-onderzoek zijn de Hoge Raad-uitspraken in juni 2019. Daarin oordeelde de Hoge Raad dat de box-3-heffing op stelselniveau in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol (EP) bij het EVRM, voor zover het nominaal zonder (veel) risico gemiddeld haalbare rendement gedurende 2013 en 2014 lager is dan 1,2%. Dit geldt ook voor de jaren 2015 en 2016, omdat in die jaren het box-3-stelsel niet gewijzigd is.

Advies en onderzoek

De deskundigen adviseren om compensatie te verstrekken aan belastingplichtigen als er sprake is van strijdigheid met artikel 1 EP. Dit was ook het advies van de parlementaire advocaat eind vorig jaar. Die strijdigheid met artikel 1 EP hangt af van de vraag of in de jaren 2013 tot en met 2016 het gemiddeld, zonder (veel) risico haalbare rendement lager was dan 1,2%. Dat heeft het CPB onderzocht. Zij hebben daarvoor in die jaren gekeken naar de rendementen van drie categorieën van sparen en beleggen:

· direct opneembare spaarrekeningen;

· termijndeposito’s (looptijden van 1, 5 en 10 jaar);

· Nederlandse staatsobligaties.

Het CPB stelt dat er voor elke categorie meerdere alternatieven zijn om de relevante rendementen te berekenen, maar stelt ook dat het niet aan haar is om te oordelen welke alternatieven daarvoor moeten worden gebruikt. Daardoor kan zij geen antwoord geven op de vraag wat het ‘zonder (veel) risico gemiddelde haalbare rendement’ over de drie categorieën is.

Geen wetsvoorstel voor het zomerreces

Het kabinet heeft daardoor – en door de coronacrisis – meer tijd nodig om op deze uitkomsten te reageren. Het wetsvoorstel voor aanpassing van box 3 wordt daarom ook niet voor het zomerreces ingediend. Het streven is nu om in het najaar met een kabinetsreactie te komen.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.