Fiscaal

Echtscheiding nog geen feit – aftrek eigen woning gehalveerd

gepubliceerd op: 15 september 2022

Een man en een vrouw zijn ieder voor de helft eigenaar van een woning. In 2018 stonden zij beiden ingeschreven op het adres van deze woning. Op 21 mei 2019 dienen zij een verzoek tot echtscheiding in. In het echtscheidingsconvenant is onder meer bepaald dat vanaf 2019 ieder zijn eigen IB-aangifte zal doen en daarin ieder zijn eigen deel van de betaalde hypotheekrente zal aftrekken. De man claimt in zijn aangifte IB 2018 de hele eigenwoningaftrek. Ook de vrouw claimt echter eigenwoningaftrek. De inspecteur halveert de aftrek van de man. Terecht, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. Er is in 2018 namelijk nog geen sprake van een echtscheidingssituatie.

De man stelt dat hij en zijn vrouw in het echtscheidingsconvenant voor een andere verdeling van de eigenwoningaftrek hebben gekozen dan bij helfte. Omdat er in 2018 nog geen echtscheidingssituatie was, oordeelt de rechtbank dat de inhoud van het echtscheidingsconvenant geen gevolgen heeft voor de fiscale verdeling van de eigenwoningaftrek. De man en de vrouw waren in 2018 fiscale partners van elkaar. Zij hadden bij hun IB-aangiften voor een andere verdeling van de eigenwoningaftrek kunnen kiezen, maar hebben dat nagelaten. In dat geval bepaalt de wet (artikel 2.17, lid 3 Wet IB 2001) dat de eigenwoningaftrek bij helfte over de partners wordt verdeeld. De inspecteur heeft daarom terecht de aftrek bij de man gehalveerd.

 

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.