Geen box-3-heffing meer voor 1,35 miljoen spaarders
Circa 1,35 miljoen spaarders gaan vanaf 2022 geen box-3-heffing meer betalen door een structuurwijziging in box 3. In de nieuwe structuur wordt aangesloten bij de werkelijke verhouding tussen spaargeld, beleggingen en schulden. Over de werkelijke hoeveelheid spaargeld wordt een vooraf vastgestelde rente berekend, die zoveel als mogelijk aansluit bij de werkelijke rente. Op dit moment zou die rente 0,09% bedragen. Volgens de voorlopige berekening blijft dan de eerste € 440.000 aan spaargeld onbelast. Voor belastingplichtigen die wel box-3-heffing moeten betalen, wordt het tarief 33%. Dit blijkt uit een voorstel van staatssecretaris Snel.
Op dit moment wordt ervan uitgegaan dat een vermogen waarover belasting moet worden betaald voor een bepaald deel uit beleggingen bestaat. Ook als dat feitelijk niet zo is en het hele vermogen alleen uit spaargeld bestaat. Vanaf 2022 wordt gerekend met de werkelijke verhouding tussen spaargeld, beleggingen en schulden. Ook de kleine belegger (tot € 30.000) wordt met het nieuwe systeem buiten de box-3-heffing gehouden.
Tijdpad
Het voorstel van staatssecretaris Snel wordt nu uitgewerkt in een wetsvoorstel dat voor de zomer van 2020 naar Tweede Kamer zal worden gestuurd. Als het wetsvoorstel eind 2020 wordt aangenomen, krijgt de Belastingdienst een jaar de tijd om de structuurwijziging in box 3 door te voeren. Het nieuwe systeem kan dan op 1 januari 2022 in werking treden.