Fiscaal

Geen vergoedingsrecht voor aanwenden erfenis met uitsluitingsclausule

gepubliceerd op: 02 maart 2023

Een echtpaar is gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. De vrouw ontvangt een erfenis, waarop een uitsluitingsclausule rust. Zij stort de erfenis op een privérekening. Vanaf 2003 exploiteert het echtpaar een pluimveebedrijf in maatschapsverband. De vrouw investeert € 40.000 van de erfenis in de maatschap. De erfenis is verder besteed aan kosten voor de huishouding in de jaren dat de bedrijfsinkomsten tegenvielen. De maatschap eindigt per 1 januari 2018. In een vaststellingsovereenkomst staat dat de man alle activa krijgt en tegen finale kwijting de meeste maatschapsschulden overneemt. In 2019 gaat het echtpaar uit elkaar. De vrouw vordert een vergoedingsrecht.

Het vergoedingsrecht heeft betrekking op het aanwenden van de onder uitsluitingsclausule verkregen erfenis. De vrouw vordert het recht op de gemeenschap en als die niet toereikend is, voor de helft van het bedrag op de man. De Hoge Raad oordeelt dat de vrouw geen recht heeft op een vergoeding. Zij heeft naar evenredigheid bijgedragen met haar privévermogen aan de kosten van de huishouding conform haar wettelijke draagplicht (artikel 1:84, lid 1 BW). Daarvoor heeft zij geen recht op een vergoeding. Ook voor zover zij de erfenis heeft aangewend voor de investering in de maatschap, heeft zij geen vergoedingsrecht. De man beroept zich namelijk met succes op de finale kwijting die in de vaststellingsovereenkomst is overeengekomen. Deze afspraken zijn juist gemaakt om in het zicht van de scheiding de maatschap volledig af te wikkelen.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.