Fiscaal

Niet gelijktijdig opleggen aanslagen fiscale partners leidt tot vermindering belastingrente

gepubliceerd op: 22 juli 2021

Een echtpaar dient samen de IB-aangiften 2015 in. De inspecteur legt eerst de aanslag van de vrouw op, waarna automatisch verliesverrekeningsbeschikkingen over de periode 2012 – 2014 worden opgesteld. Daarbij is automatisch rekening gehouden met uit te betalen heffingskortingen. Een maand later stelt de inspecteur de aanslag IB 2015 van de man vast en een beschikking verliesverrekening. De man blijkt daardoor in de jaren 2012- 2014 geen IB verschuldigd te zijn. De vrouw heeft daardoor te veel heffingskortingen ontvangen, die de inspecteur navordert verhoogd met belastingrente. Rechtbank Noord-Nederland vindt dat niet helemaal rechtvaardig.

De rechtbank is het met de vrouw eens dat de belastingrente moet worden verminderd. Het is onzorgvuldig geweest van de inspecteur om automatisch heffingskortingen van voorafgaande jaren uit te betalen, zonder naar de aangifte van de man te kijken. De inspecteur is weliswaar niet wettelijk verplicht om gelijktijdig de aanslagen van fiscale partners vast te stellen – ook niet als de aangifte gezamenlijk is gedaan – maar bij de keuze om dat niet te doen, moet de inspecteur wel een belangenafweging maken. De keuze van de inspecteur om de aanslagen op verschillende momenten op te leggen, leidt tot een aanzienlijk bedrag aan belastingrente voor de vrouw, zonder dat zij dat had kunnen voorkomen. Ook weegt mee dat de vrouw maar over een klein deel van de wettelijke periode over de uitbetaalde heffingskortingen kon beschikken.

 

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.