Fiscaal

Uit nietige overeenkomst kan zonder motivering geen belaste vordering ontstaan

gepubliceerd op: 05 december 2019

Een man en een vrouw zijn in 1979 getrouwd op huwelijkse voorwaarden. Daarbij is elke huwelijksgoederengemeenschap uitgesloten en is een wettelijk deelgenootschap ingesteld. De man is directeur van een concern en bezit het overgrote deel van het vermogen. De man en de vrouw sluiten in 2009 een overeenkomst om de achterwege gebleven periodieke verrekeningen ongedaan te maken. Daardoor erkent de man dat hij € 10 miljoen schuldig is aan zijn vrouw. Het hof oordeelde in deze zaak dat de overeenkomst tussen de man en de vrouw nietig is, maar dat de vrouw hierdoor wel een belaste schenking heeft ontvangen. De Hoge Raad vindt dit oordeel onbegrijpelijk.

In 2012 failleren de man en zijn bv’s. De FIOD stelt daarna een onderzoek in naar faillissementsfraude. In juni 2016 oordeelt het civiele Hof Arnhem-Leeuwarden dat de overeenkomst tussen de man en de vrouw nietig is, omdat:

  • de gekozen verrekening afwijkt van de in 1979 opgestelde huwelijkse voorwaarden; en
  • er niet is voldaan aan de vormvereisten die gelden voor een wijziging van huwelijkse voorwaarden.

De Hoge Raad bevestigt dit oordeel eind 2017. In de onderhavige zaak verwijst Hof Arnhem-Leeuwarden voor de nietigheid van de overeenkomst naar deze uitspraak. De vrouw heeft niet aannemelijk gemaakt dat de huwelijkse voorwaarden zijn gewijzigd, omdat zij niet kan aantonen dat de overeenkomst is vastgelegd in een notariële akte en de destijds vereiste rechtelijke goedkeuring is verkregen. Maar vervolgens oordeelt het hof dat uit de overeenkomst wel een vordering van de vrouw op de man is ontstaan, die niet voortvloeit uit de huwelijkse voorwaarden. Het vermogen is grotendeels aangebracht door de man en gerelateerd aan zijn bv’s. Dit vermogen valt niet onder de verrekening. Daardoor ontstaat er door de overeenkomst een onverplichte vordering van de vrouw op de man. Er heeft bovendien een vermogensverschuiving plaatsgevonden, waardoor de man is verarmd en de vrouw is verrijkt. Volgens het hof heeft de inspecteur daarom terecht een belaste schenking van bijna € 10 miljoen geconstateerd.

De Hoge Raad vindt dit oordeel onbegrijpelijk. Als een overeenkomst nietig is, kan daaruit -zonder nadere motivering – geen vordering ontstaan.

 

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.