Wetsvoorstel spoedreparatie fiscale eenheid aangenomen
Afgelopen dinsdag heeft de Tweede Kamer ingestemd met het Wetsvoorstel spoedreparatie fiscale eenheid. De spoedreparatiemaatregelen hebben terugwerkende kracht tot 1 januari 2018. Dit wetsvoorstel is het gevolg van twee uitspraken van het EU-hof van Justitie van 22 februari 2018. Het EU-Hof oordeelde in deze zaken (C-398/16 en C-399/16) dat de Nederlandse renteaftrekregeling voor binnenlandse moeder- en dochtervennootschappen die tot een fiscale eenheid behoren voor de Vpb, in strijd was met het EU-recht. De renteaftrekregeling vormde een ongerechtvaardigde discriminatie van binnenlandse moedervennootschappen met buitenlandse dochtervennootschappen, waarvoor de renteaftrek niet geldt. Nederland moest zijn wetgeving aanpassen.
De uitkomst van de uitspraken bij het EU-hof kwam niet onverwacht. Eind oktober 2017 werd hier al op geanticipeerd met de aankondiging van spoedreparaties die aanvankelijk terugwerkende kracht hadden tot 25 oktober 2017, 11.00 uur (datum conclusie A-G bij het EU-hof). Door het vrijkomende budget als gevolg van het niet doorgaan van de afschaffing van de dividendbelasting kon de terugwerkende kracht van de spoedmaatregelen worden beperkt tot 1 januari 2018. Sindsdien wordt de fiscale eenheid geacht niet te bestaan voor de toepassing van bepaalde regelingen, zoals de renteaftrekbeperking om winstdrainage te voorkomen, de deelnemingsvrijstelling, de renteaftrekbeperking bij bovenmatige deelnemingsrente en de verliesverrekening bij wijziging van het belang.
Tip
De wijziging van de terugwerkende kracht heeft tot gevolg dat de spoedreparatie niet hoeft te worden verwerkt in de Vpb-aangifte 2017. Het splitsen naar ‘oud’ en nieuw regime (na 25 oktober 2017) wordt hiermee voorkomen. Is de Vpb-aangifte over 2017 al ingediend (rekening houdend met de hiervoor besproken spoedmaatregelen)? In dat geval zal een correctie moeten worden ingediend.