Kantooropvolging

Welke methode pas je toe bij bedrijfswaardering? (1)

gepubliceerd op: 22 april 2021

Bij een overname wil zowel de verkoper als de koper vaststellen wat de waarde van de betreffende onderneming is. Er zijn nogal wat methoden voor bedrijfswaardering. Sommige gaan uit van vuistregels of steunen vooral op de financiële historie, zoals de boekhoudkundige waarde of intrinsieke waarde of op de rentabiliteitswaarde. De rentabiliteitswaarde en de verbeterde rentabiliteitswaarde gaan ervan uit dat de toekomst een afspiegeling zal zijn van het bedrijfseconomische verleden. De zogenaamde DCF-methode gaat uit van de te verwachten toekomstige kasstromen, die contant worden gemaakt naar het waarderingsmoment.

Vuistregels
Bij waardering op basis van vuistregels wordt veelal een percentage van de omzet of x-maal de gemiddelde historische winst toegepast, omdat bedrijfseconomische prestaties min of meer uniform worden verondersteld binnen een bedrijfstak. Vuistregels voor waardebepaling zijn echter een sterk vereenvoudigde – en daarmee onbetrouwbare – benadering, omdat daarbij wordt aangenomen dat elke uitgangssituatie hetzelfde is. (Zie ook het artikel van mijn collega Anton Koning over dit onderwerp.)

Intrinsieke waarde
De bepaling van de (al dan niet zichtbare) intrinsieke waarde gaat uit van de boekhoudkundige waarde van de onderneming (de actuele vermogenspositie). Het resultaat is de vaststelling van de winstbepaling op ‘advies’ van een administrateur of accountant. Een uitkomst van het gekozen stelsel van waardering en afschrijving van activa en de waardering van passiva. Aan eventuele winstgevendheid wordt echter geen enkele waarde toegekend.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.