Onderneming en Recht

Vof wel of niet beëindigd; geen schending concurrentiebeding

gepubliceerd op: 24 april 2018

De vennoten van een vof verschillen van mening over het tijdstip van de beëindiging van hun vof en daardoor over de vraag of een van hen het concurrentiebeding uit het firmacontract heeft geschonden. Vennoot A stelt dat de vof is beëindigd op 1 januari 2015 door uitschrijving van de vof uit het handelsregister. Vennoot B stelt dat hij eenzijdig heeft opgezegd per 1 januari 2016. Volgens het firmacontract zou A dan de vennootschap mogen voortzetten. Vennoot B zou dan in strijd met het concurrentiebeding handelen. De vof is per 1 januari 2016 beëindigd, maar het concurrentiebeding is niet geschonden, oordeelt Rechtbank Noord-Nederland.

De uitschrijving van de vof uit het handelsregister betekent niet dat de vof is beëindigd. De vennoten hebben hun samenwerking daarna namelijk nog voortgezet. Volgens de rechtbank moet uit hun gedragingen worden afgeleid dat zij niet waren overeengekomen om de vof per 1 januari 2015 te ontbinden. Er was nog steeds sprake van een samenwerking op basis van gelijkwaardigheid en zij hadden nog steeds de bedoeling om de voordelen te delen. Omdat de vennoten er beiden van uitgaan dat de vof in elk geval wel per 1 januari 2016 is ontbonden, neemt de rechtbank aan dat dit de ontbindingsdatum is.

Schending concurrentiebeding
Het concurrentiebeding is volgens de rechtbank niet geschonden. Op grond van het firmacontract is dit alleen aan de orde wanneer één van de vennoten uittreedt en de andere vennoot de firma voortzet. Daarvan is hier geen sprake omdat de vennoten overeengekomen waren om de vof per 1 januari 2016 te beëindigen.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.