Pensioen

Niet getekende pensioenovereenkomst is tóch rechtsgeldig

gepubliceerd op: 24 oktober 2023

Een bv verleent aan haar dga pensioenrechten in 2002. Kort daarna overlijdt de dga en gaat de bv weduwenpensioen uitkeren tot 2015. In 2017 spreken de weduwe en de bv in een vaststellingsovereenkomst ‘einde aanspraak’ af dat zij afziet van verdere uitkeringen. De Belastingdienst legt de bv een naheffingsaanslag van ruim € 500.000 op wegens het prijsgeven van pensioenrechten. De bv vond dat niet terecht, omdat de pensioenovereenkomst en de ava-notulen nooit waren ondertekend. Om te beoordelen of de naheffingsaanslag terecht is opgelegd, beoordeelt de rechter of hier sprake was van een rechtsgeldige pensioenovereenkomst.

De rechter is van oordeel dat het in deze situatie niet noodzakelijk was om de notulen en de aanvullende arbeidsovereenkomst te ondertekenen. De wilsovereenstemming tussen de bv en de dga stond namelijk al vast door het opstellen van de documenten ten behoeve van de dga als bestuurder en enig aandeelhouder. Bovendien is de pensioenovereenkomst naderhand bekrachtigd, doordat de bv en de weduwe zijn gaan handelen op grond van die pensioenovereenkomst. Dit handelen betrof het opnemen van een pensioenvoorziening op de balans en het betalen en ontvangen van de uitkeringen. Met de ondertekening van de vaststellingsovereenkomst heeft de weduwe haar aanspraak op de pensioenuitkeringen prijsgegeven. Vanaf dat moment stond immers vast dat zij geen beroep meer zou (kunnen) doen op de pensioenovereenkomst. De naheffingsaanslag is dus terecht opgelegd.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.