Wet Vbar kan tot extra pensioenkosten leiden
Om de schijnzelfstandigheid te verminderen, wil het kabinet de regels van de arbeidsovereenkomst aanpassen aan de ‘moderne arbeidsmarkt’. Hiervoor is een wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer: de Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar). Meer werkenden krijgen recht op pensioen en sociale zekerheid, zonder premieplicht. In het voorstel wordt de wettelijke definitie van de arbeidsovereenkomst aangepast en wordt een ‘soort minimumloon’ voor zelfstandigen geïntroduceerd. Werken als zelfstandige zal hierdoor vaker dan nu niet toegestaan zijn.
Dat geldt met name voor de situatie waarin een zelfstandige ‘kernactiviteiten’ van een opdrachtgever vervult en/of ‘ingebed raakt in de organisatie’ van een opdrachtgever. Deze kenmerken van een arbeidsrelatie krijgen meer gewicht bij een rechterlijke weging. De afbakening tussen zelfstandigen en werknemers zal daardoor veranderen, wat weer van invloed is op een veelheid aan arbeidsrechtelijke regelingen. Als op enig moment schijnzelfstandigheid wordt vastgesteld kan – met terugwerkende kracht – recht bestaan op sociale zekerheid of pensioenrechten. Pensioenuitvoerders zullen proberen om de gemiste premies alsnog bij de werkgever in rekening te brengen. Al zal dat niet altijd meer lukken.