De eerste i: issues
De eerste i van het 7-i-model is die van issues. Meervoud inderdaad. Er speelt immers slechts zelden één kwestie, al is men zich daar niet altijd ten volle van bewust. Het kan hierbij zowel gaan om de kwestie(s) zelf, als ook om de duiding ervan naar soort en/of omvang. Zo was ik recent getuige van een ruzie tijdens een mediation over de bezetting in de organisatie. In werkelijkheid hebben partijen echter een compleet verschillende kijk op het ondernemerschap. Die verschillen zaten voornamelijk op overtuigingsniveau. De bezetting is niet meer dan een symptoom, dat deze verschillen zichtbaar maakt.
Door partijen hardop – in het bijzijn van de ander – te laten uitspreken welke issues er spelen, worden zaken zichtbaar. Tot dat moment denken velen dat dat wel duidelijk is. Men deed stilzwijgende aannames en vulde in voor de ander. Een ander helpend punt om de inzichtelijkheid te vergroten, is nu eenmaal dat elke persoon zijn eigen woorden gebruikt. Zo heb ik meermaals meegemaakt dat partijen iets anders zeggen, maar zo ongeveer hetzelfde bedoelen. Ook heb ik dikwijls meegemaakt dat partijen hetzelfde zeggen, maar toch iets anders bedoelen. En tot slot heb ik menig partij ‘ruzie’ zien maken over de vraag ‘waarover hebben we ruzie?’ Ook de uitspraak ‘Hij/zij heeft ruzie met mij, maar ik niet met hem/haar’ komt met enige regelmaat langs (en verdient steevast een innerlijke glimlach).
Tip
Laat partijen hardop uitspreken wat volgens hen de issues zijn. Ze hoeven het er niet over eens te zijn.