Welke zorgorganisaties vallen onder de WNT?
De Wet normering topinkomens (WNT) stelt grenzen aan de beloning van topfunctionarissen in de (semi)publieke sector en dus ook in een groot deel van de zorg. Maar niet elke zorgaanbieder valt automatisch onder de WNT. Het antwoord op de vraag of er sprake is van WNT-plicht, hangt onder meer af van de rechtsvorm, het type zorg, de organisatiegrootte én eventuele subsidiestromen. Zorgaanbieders die op dit moment onder de WNT vallen zijn onder andere (voormalig) WTZi-instellingen en Wtza-aanbieders (die vallen onder het instellingsbegrip uit de WTZi). Maar om welke zorgaanbieders gaat het nog meer?
Het gaat ook om:
- alle jeugdhulpaanbieders die niet als solist werken, en de gecertificeerde instellingen;
- Veilig Thuis-organisaties als bedoeld in artikel 4.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (WMO);
- rechtspersonen die voor een periode van ten minste drie achtereenvolgende kalenderjaren één of meer subsidies hebben ontvangen, die samen per kalenderjaar meer dan € 500.000 bedragen en ten minste voor 50% deel uitmaken van de opbrengsten van de rechtspersoon in dat kalenderjaar. Vanaf het vierde kalenderjaar is de WNT van toepassing;
- zelfstandige bestuursorganen (ZBO’s) met taken die gerelateerd zijn aan het ministerie van VWS.
Er is sprake van een WTZi-instelling als tenminste twee personen namens de zorgaanbieder zorg leveren. Daarbij gaat het om zorg op grond van de Zorgverzekeringswet (Zvw) en/of Wet langdurige zorg (Wlz).
Daarnaast vallen de volgende organisaties ook onder de WNT: alle zorgverzekeraars, Patiëntenfederatie Nederland, Ieder-In en MIND Landelijk Platform Psychische Gezondheid, Stichting LOC en PGO-Suppor, Vilans, Movisie en het Nederlands Jeugdinstituut en Bloedbank Sanquin.
Let op: de WNT is níet van toepassing op eenmanszaken, maatschappen, vennootschappen onder firma (vof’s) en commanditaire vennootschappen (cv’s).