Chronische ziekte en signalen herkennen
Als jouw medewerker een chronische ziekte heeft, kan werk extra veel voor hem of haar betekenen: waardering, sociale contacten, structuur en inkomen. Als werkgever heb jij er ook belang bij dat deze medewerker niet uitvalt en zo lang mogelijk kan blijven doorwerken. Maar op welke signalen moet je alert zijn als een medewerker er zelf niet open over is? Een eerste signaal is gedrag dat de laatste tijd anders is. Hij of zij reageert bijvoorbeeld geïrriteerd of heeft een korter lontje dan normaal. Ook kan je medewerker vermoeider of bezorgder overkomen dan voorheen. Een ander signaal zijn tegenvallende resultaten, of steeds vaker fouten maken. Wat doe je hiermee?
Wanneer je met de medewerker in gesprek gaat, hoef je niet alle medische informatie te weten. Een medewerker hoeft je dit soort informatie vanuit privacyoverwegingen ook niet te verstrekken. Tegelijkertijd wil je jouw medewerker wel ondersteunen en behoeden voor verkeerde acties. Zo kan het in bepaalde situaties van levensbelang zijn dat collega’s goed op de hoogte zijn. Bijvoorbeeld bij een medewerker die diabetes heeft; bij een hypo of hyper moeten zijn/haar collega’s weten dat ze direct 112 moeten bellen. Bespreek daarom ook met je medewerker wat hij/zij hierover wil vertellen aan collega’s en op welke manier.
Tip
Als je afspraken met elkaar maakt, zet deze dan ook direct in je agenda. Zo vergeet je ze niet en laat je blijken dat je je medewerker serieus neemt. Plan gelijk een nieuwe afspraak met elkaar, ook al is dat een halfjaar later. Uiteraard is het belangrijk dat de medewerker het actief meldt als zijn/haar situatie verslechtert en er extra aanpassingen op korte termijn nodig zijn. Lees voor meer informatie ook het artikel Chronische ziekte en blijven werken.