UWV wijst vervroegde IVA-uitkering ten onrechte af - longtransplantatie was geen optie
Een vervroegde IVA-uitkering kan tussen de 13e en 68e week van ziekte van een werknemer worden aangevraagd als medisch herstel is uitgesloten. In het geval van een zieke werkneemster met progressieve ernstige longproblemen door COPDGOLDIV zonder behandelingsmogelijkheden, stelde het UWV dat de arbeidsmogelijkheden konden worden verbeterd door een longtransplantatie. Het UWV wees daarmee de vervroegde IVA-uitkering af. De werkneemster kreeg zowel in bezwaar bij het UWV als bij de rechtbank geen gelijk en stelde hoger beroep in. Wat was het gezichtspunt van de Centrale Raad van Beroep in deze zaak?
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat er onvoldoende aanknopingspunten waren voor het UWV-standpunt dat een longtransplantatie zou leiden tot verbetering. Temeer nu die behandeling voor de werkneemster geen reële behandeloptie is, gelet op de omvang van de wachtlijsten, de gehanteerde criteria en de leeftijd van de werkneemster. De Centrale Raad van Beroep stelde de werkneemster in het gelijk, waardoor zij alsnog haar IVA-uitkering kreeg.
Tip
Zoals bekend worden WGA-uitkeringen wél en IVA-uitkeringen niet ten laste van werkgevers gebracht, hetzij via de premie Werkhervattingskas, hetzij als eigenrisicodrager voor de WGA. Deze uitspraak toont weer eens aan dat men niet te snel in ‘standpunten van het UWV’ moet berusten. Het is daarom raadzaam om de kansen op succes tegen een negatief oordeel van het UWV door een deskundige sociale zekerheid te laten beoordelen.