Fiscaal

Door erflater als dochter beschouwde vrouw geen pleegkind

gepubliceerd op: 20 december 2023

Een vrouw erft in 2020 van een weduwnaar de helft van zijn nalatenschap. Ook legateert hij aan haar alle tot de nalatenschap behorende roerende zaken en zijn woning, mits zij de waarde van de woning inbrengt in de nalatenschap. De vrouw is geen familie van de weduwnaar en zijn overleden echtgenote. Haar eigen ouders leven nog. In de aanslag erfbelasting wordt rekening gehouden met de lage vrijstelling en tarieven voor ‘overige verkrijgers’. De vrouw meent echter dat zij voor de erfbelasting moet worden aangemerkt als pleegkind en dus recht heeft op toepassing van de kindvrijstelling en de tarieven van tariefgroep 1.

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de vrouw alleen voor toepassing van de kindvrijstelling en de lage tarieven van tariefgroep 1 in aanmerking komt, als zij aan de strikte wettelijke eisen voldoet voor de kwalificatie als pleegkind. Daartoe moet zij aannemelijk maken dat zij tenminste 5 jaar uitsluitend door de weduwnaar (en/of zijn echtgenote) is onderhouden en opgevoed. Daarin slaagt zij niet. Onder meer doordat haar eigen ouders ook sporadisch bijdragen aan haar levensonderhoud. De bevestiging van een voormalige buurvouw en de huisarts dat de vrouw door de weduwnaar als zijn dochter werd beschouwd, is niet relevant. Alleen de wettelijke vereisten zijn bepalend voor de kwalificatie als pleegkind. De aanslag erfbelasting blijft in stand.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.