Fiscaal

Drie-dagen-eis inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) is 3 x 24 uur

gepubliceerd op: 04 februari 2021

Een man en een vrouw hebben het co-ouderschap van hun dochter. De dochter staat op het adres van de man ingeschreven bij de gemeente. Zij verblijft wekelijks van woensdag 7:30 uur t/m donderdag 19:30 uur en om het weekend van zaterdag 9:00 uur t/m maandag 9:00 uur bij haar moeder. De moeder claimt de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK). De inspecteur weigert de IACK, omdat de dochter niet drie hele dagen bij de moeder verblijft. Terecht, oordeelt de Hoge Raad. Voor de toepassing van de IACK moet onder drie hele dagen worden verstaan 3 x 24 uur. Aan die verblijfseis voldoet de moeder niet.

 

De Hoge Raad draait met deze uitspraak het oordeel van Hof Den Haag terug. Dit hof oordeelde dat ‘gehele dag’ in de zin van de IACK conform het spraakgebruik als ‘overdag’ moet worden uitgelegd. Dit uitgangspunt getuigt volgens de Hoge Raad van een onjuiste rechtsopvatting. Bovendien oordeelt de Hoge Raad dat het verblijfsschema waarvoor de man en de vrouw hebben gekozen, niet voldoet aan het vereiste dat de ouders de zorg voor hun kind gelijkelijk moeten hebben verdeeld om voor de IACK in aanmerking te komen.

Tip

Heb je cliënten met kinderen jonger dan 12 jaar, die in een echtscheiding zijn verwikkeld? Wijs hen dan op het belang van een juiste verdeling van de zorgtaken voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK). Beide ouders hebben ieder voor zich recht op deze heffingskorting als het kind doorgaans drie dagen per week bij hen verblijft. De Hoge Raad verduidelijkt met deze uitspraak wat onder dit vereiste moet worden verstaan. De ouder in deze zaak trekt daardoor aan het kortste eind. Vorig jaar oordeelde de Hoge Raad wel in het voordeel van een ouder door te oordelen dat voor het voldoen aan de 3-dagen-eis de week niet per se op maandag hoeft te beginnen.

Co-ouderschap

Sinds 1 januari 2011 is aan de IACK niet langer de eis verbonden dat het kind tot het huishouden moet behoren. De eis van inschrijving in de basisregistratie personen op het woonadres van de ouder geldt nog wel. Bij co-ouderschap wordt getoetst of de kinderen tegelijkertijd tot de huishoudens van beide ouders behoren. Als dat zo is, wordt aangenomen dat het kind ook ingeschreven staat op het woonadres van de andere co-ouder.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.