Fiscaal

Fictieve verkrijging bij afwijken testament zonder vergoeding

gepubliceerd op: 09 mei 2019

De ouders van een zoon zijn in gemeenschap van goederen gehuwd. Als de vader overlijdt, wordt zijn nalatenschap conform zijn testament geheel aan de moeder toebedeeld. De zoon krijgt een vordering ter grootte van zijn erfdeel. In de jaren daarna maken de zoon en de moeder afwijkende afspraken over de opeisbaarheidsgronden en het rentepercentage van de onderbedelingsvordering van de zoon. Ook de economische eigendom van de woning van de moeder wordt aan de zoon overdragen onder de last van gebruik en bewoning. Bij het overlijden van de moeder heeft de inspecteur terecht een belaste fictieve verkrijging vastgesteld, oordeelt Rechtbank Den Haag.

Bij het verdelen van de nalatenschap van vader wijken moeder en zoon – ten gunste van de zoon – af van de ouderlijke boedelverdeling, die in het testament van vader was opgenomen. Moeder heeft daarvoor geen compenserende vergoeding ontvangen. Er is dan volgens de rechtbank geen sprake van tegenover elkaar staande verplichtingen. Bovendien vloeien niet alle vermogensverschuivingen tussen moeder en zoon voort uit het erfrecht. Zo is de koopsom voor de woning van moeder deels kwijtgescholden voor zover de koopsom de onderbedelingsvordering van de zoon overtrof. De kwijtschelding is een schenking. Ook de renteafspraken tussen moeder en zoon die in 2004 in een onderhandse akte zijn vastgelegd, kunnen niet als een erfrechtelijke verkrijging worden aangemerkt, maar als een schenking. De inspecteur heeft daarom de afwijkingen van het testament van vader bij het overlijden van de moeder terecht belast als fictieve voordelen van de zoon.

 

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.