Ontbrekende rittenregistratie leidt tot IB-belast privégebruik auto
Een werknemer rijdt in een auto van de zaak. Hij heeft tot eind 2012 een verklaring ‘Geen privégebruik auto’. Nadat deze was ingetrokken heeft hij zich daartegen niet verweerd en ook geen nieuwe verklaring aangevraagd. Uit een boekenonderzoek bij de werkgever blijkt dat de werknemer in de periode 2013 tot en met 2015 geen rittenregistratie heeft bijgehouden. De inspecteur legt hem navorderingsaanslagen op. Terecht, oordeelt Hof Den Bosch. De werknemer kan niet aantonen dat hij op kalenderjaarbasis niet meer dan 500 km privé met de auto heeft gereden.
Werknemers die een verklaring ‘Geen privégebruik’ hebben voor de aan hen ter beschikking gestelde auto, denken soms dat zij dan niet aan de zware bewijslast ten aanzien van het privégebruik hoeven te voldoen. Maar ook in die situatie kan de inspecteur vragen om aan te tonen dat er met de auto van de zaak op kalenderjaarbasis niet meer dan 500 km privé is gereden. De bewijslast ligt hiervoor immers bij de berijder. Een rittenregistratie is daarvoor het meest geschikte bewijsmiddel.
Tip
Heb je cliënten met een auto van de zaak die een verklaring ‘Geen privégebruik’ hebben? Wijs hen er dan op dat het een heel lastig verhaal wordt om aan de bewijslast te voldoen als zijn geen rittenregistratie hebben bijgehouden.