Fiscaal

Op derdenrekening gestort bedrag heeft box-3-vermogen niet verlaten

gepubliceerd op: 25 juli 2019

Een man richt op 31 december 2012 een bv op. Hij stort die dag onder vermelding van ‘agiostorting’ € 1,5 miljoen op een derdenrekening van de notaris, die de bv heeft opgericht. Enkele weken later wordt het gehele bedrag gestort op de rekening van de opgerichte bv, die het bedrag investeert in de aankoop van grond en andere activa. De inspecteur rekent op 1 januari 2013 het gestorte bedrag echter tot het box-3-vermogen van de man. Terecht, oordeelt de Hoge Raad. De man heeft namelijk vóór 1 januari 2013 geen afdwingbare verplichting aanvaard om het bedrag op de derdenrekening aan de bv te betalen. Hij was op dat moment bovendien de enige rechthebbende.

De Hoge Raad oordeelt dat de man het bedrag van € 1,5 miljoen onverschuldigd had overgemaakt naar de derdenrekening van de notaris. Het bedrag was weliswaar bestemd voor de agiostorting, maar een verplichting daartoe bestond toen (nog) niet. De Hoge Raad acht het niet van belang dat het gehele bedrag binnen enkele weken is overgemaakt van de derdenrekening naar een rekening van de bv. Ook is het niet relevant dat de notaris – op grond van artikel 25 Wet op het Notarisambt – bij uitsluiting bevoegd is om over een derdenrekening te beschikken en deze te beheren.

 

Tip

De bedoeling van de man was volstrekt duidelijk. Helaas had zijn belastingadviseur de formele uitvoering niet goed geregeld. Hierdoor moest de man de box-3-heffing over het gestorte bedrag toch betalen. Dit had eenvoudig kunnen worden voorkomen door de aanvaarding van de verplichte agiostorting schriftelijk vast te leggen. Dat kan in de oprichtingsakte, de statuten van de bv of in een overeenkomst.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.