Betalingsonmacht: moet ik hier melding van doen?
In sommige gevallen is een onderneming verplicht om deel te nemen aan een bedrijfstakpensioenfonds. De onderneming dient hiervoor periodieke premies te betalen. Het kan echter gebeuren dat een onderneming vanwege omstandigheden niet kan voldoen aan deze betalingsverplichting; er is dan sprake van betalingsonmacht. De onderneming is in zo’n geval verplicht om onverwijld mededeling te doen van deze betalingsonmacht. Indien dit wordt nagelaten, zijn de bestuurders in beginsel aansprakelijk. Desalniettemin heeft de Hoge Raad onlangs geoordeeld dat een mededeling onder bepaalde omstandigheden niet vereist is.
In geval van betalingsonmacht dient de bestuurder van de rechtspersoon dit in beginsel mede te delen aan het bedrijfstakpensioenfonds. Ook dient de bestuurder nadere inlichtingen en stukken te verstrekken, als hierom gevraagd wordt. Het is de bedoeling dat het bedrijfstakpensioenfonds hierdoor vroegtijdig op de hoogte raakt van de moeilijkheden van de rechtspersoon, zodat het hiernaar kan handelen. De Hoge Raad oordeelt dat een melding achterwege kan blijven indien het bedrijfstakpensioenfonds tijdig op andere wijze op de hoogte is geraakt van de betalingsonmacht en de oorzaak hiervan.
Omstandigheden zijn bepalend
Het is altijd afhankelijk van de omstandigheden van het geval of een melding achterwege kan blijven of niet. In voorgenoemde uitspraak waren de volgende omstandigheden van belang:
- er was vóór een faillissementsaanvraag al gecommuniceerd over de financiële situatie;
- er was inzicht gegeven in de schuldenlast en de oorzaak hiervan;
- het pensioenfonds heeft boekenonderzoek gedaan in de administratie van de onderneming; en
- het pensioenfonds heeft sindsdien hogere nota’s gestuurd dan gewoonlijk.
Onder deze omstandigheden werd geoordeeld dat een melding niet nodig was.