Schadevergoeding vanwege voetletsel geheel onbelast
Een vrouw drijft een onderneming in buitensportactiviteiten, verhuur van tenten, fotografie en horecawerkzaamheden. Zij loopt voetletsel op door een bedrijfsongeval bij een klant. Na het doorlopen van een langdurig medisch traject, houdt zij aan het ongeval chronische pijnklachten over. De klant was verzekerd en zijn verzekeraar heeft de aansprakelijkheid erkend. De schadevergoeding van € 480.000 bestaat uit een component ‘verlies van arbeidsvermogen’ en een component ‘materiële en immateriële schade’. Bij Hof Den Bosch is in geschil of de schadevergoeding geheel of gedeeltelijk onbelast is.
De component ‘verlies van arbeidsvermogen’ behoort in beginsel tot de winst uit onderneming. Het hof is daarom van oordeel dat de vrouw de meest gerede partij is om aannemelijk te maken dat de schadevergoeding is uitgekeerd wegens een blijvend verlies van arbeidsvermogen. Zij maakt aannemelijk dat:
- er sprake is van blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.
- dat zij en de verzekeraar de bedoeling hebben gehad om een schadevergoeding overeen te komen die is gelegen in het feit dat zij de fysiek belastende tot haar onderneming behorende activiteiten blijvend niet meer kan uitoefenen.
De schadecomponent verlies van arbeidsvermogen is daarom onbelast.
Component materiële en immateriële schade
De component ‘materiële en immateriële schade’ behoort volgens het hof in beginsel tot de privésfeer. In dat geval rust op de inspecteur de bewijslast dat er ten aanzien van deze component sprake is van een bron van inkomen. De inspecteur maakt dit niet aannemelijk. Ook dit gedeelte van de schadevergoeding is daarom onbelast.